Waarom haal ik geen 80 Mbps internetsnelheid?
Een abonnement van 80 Mbps betekent niet altijd dat je op elk apparaat precies 80 Mbps meet. De werkelijke snelheid kan lager uitvallen door wifi, een verouderde router, netwerkbelasting, een ongeschikte kabel of beperkingen bij de provider. Ook rekenen snelheidstests meestal in Mbps, terwijl downloads soms MB/s tonen. In dit artikel lees je hoe je het verschil herkent, welke oorzaken het vaakst voorkomen en hoe je stap voor stap vaststelt waar het probleem zit. Daarna volgen praktische optimalisaties voor modem, router, wifi en bekabelde verbinding. Ook wordt uitgelegd wanneer je de provider of internetaanbieder moet inschakelen.
Wat betekent een internetsnelheid van 80 Mbps?
Een verbinding van 80 Mbps kan theoretisch maximaal 80 megabit per seconde downloaden. Dat komt neer op ongeveer 10 megabyte per seconde, omdat één byte uit acht bits bestaat. Een bestand dat tijdens het downloaden 8 tot 10 MB/s haalt, kan dus passen bij een abonnement van 80 Mbps.
De geadverteerde snelheid is meestal een maximale snelheid onder gunstige omstandigheden. De gemeten snelheid hangt ook af van het apparaat, de server, de verbindingstechniek en het moment van testen. Bij kabel, DSL of glasvezel kunnen de download- en uploadsnelheid bovendien verschillend zijn.
Veelvoorkomende oorzaken van een lagere snelheid
Wifi-signaal is te zwak
Wifi verliest snelheid door afstand, betonnen muren, vloeren en metalen objecten. Een apparaat dat ver van de router staat, kan daardoor aanzienlijk minder dan 80 Mbps meten. Ook drukke wifi-kanalen van buren kunnen voor storing zorgen.
De router of modem is verouderd
Een oudere router ondersteunt mogelijk geen moderne wifi-standaard of heeft onvoldoende capaciteit voor meerdere apparaten. Het modem van de internetaanbieder kan eveneens invloed hebben wanneer de firmware verouderd is of het apparaat langdurig zonder herstart draait.
Andere apparaten gebruiken de verbinding
Streaming, cloudback-ups, game-updates en videobellen delen dezelfde internetverbinding. Wanneer meerdere apparaten tegelijk grote hoeveelheden data verwerken, blijft er minder bandbreedte over voor de snelheidstest of download.
De netwerkkabel beperkt de verbinding
Een beschadigde kabel of een oudere kabel met een beperkte netwerkstandaard kan de verbinding afremmen. Controleer ook of de ethernetpoort van de computer of router minimaal 100 Mbps ondersteunt. Een bekabelde meting is alleen betrouwbaar wanneer kabel, poort en netwerkadapter in goede staat zijn.
De geteste server is langzaam
Een snelheidstest of download wordt beïnvloed door de server waarmee verbinding wordt gemaakt. Een drukke of ver weg gelegen server kan een lagere uitkomst geven, terwijl je eigen aansluiting wel goed functioneert.
Er is storing of netwerkdruk bij de provider
Onderhoud, een lokale storing of hoge belasting in het netwerk van de internetaanbieder kan tijdelijk voor een lagere snelheid zorgen. Bij DSL kan ook de afstand tot de wijkcentrale een rol spelen. Bij kabelinternet kan gedeelde capaciteit tijdens drukke uren merkbaar zijn.
Hoe controleer je de werkelijke internetsnelheid?
- Sluit een computer met een ethernetkabel rechtstreeks aan op het modem of de router.
- Stop tijdelijk downloads, streaming, cloud-synchronisatie en VPN-verbindingen.
- Controleer of andere apparaten geen grote hoeveelheden data gebruiken.
- Voer meerdere snelheidstests uit op verschillende tijdstippen en bij voorkeur met meer dan één testserver.
- Noteer download, upload, latency, jitter en packet loss. Een hoge latency, veel jitter of packet loss kan de verbinding slecht laten aanvoelen, ook als de downloadsnelheid redelijk is.
Meet daarna opnieuw via wifi op de plek waar je meestal internet gebruikt. Is de bekabelde snelheid ongeveer 80 Mbps, maar de wifi-snelheid veel lager, dan ligt de oorzaak waarschijnlijk in het draadloze netwerk en niet bij de internetaanbieder.
Praktische manieren om 80 Mbps beter te halen
- Plaats de router centraal, vrij van de vloer en niet in een kast.
- Gebruik waar mogelijk een ethernetkabel voor een vaste computer, televisie of spelconsole.
- Verbind geschikte apparaten met de 5GHz- of 6GHz-wifi-band voor hogere snelheid en minder drukte.
- Herstart modem en router en installeer beschikbare firmware-updates.
- Vervang een beschadigde kabel door een geschikte ethernetkabel.
- Beperk grote downloads en back-ups tijdens het testen.
- Gebruik eventueel een mesh-systeem of extra toegangspunt wanneer het wifi-signaal niet alle kamers bereikt.
Wanneer moet je de provider contacteren?
Neem contact op met je internetaanbieder wanneer een bekabelde test herhaaldelijk duidelijk onder de verwachte snelheid blijft, terwijl andere apparaten en achtergrondverkeer zijn uitgesloten. Geef de meetmomenten, testresultaten en gebruikte apparatuur door. Vermeld ook eventuele uitval, hoge latency, jitter of packet loss.
Vraag de provider om de lijn, het modem en de aansluiting op afstand te controleren. Bij DSL kan een lijnmeting nodig zijn; bij kabel of glasvezel kan de aanbieder de signaalwaarden en netwerkstatus controleren. Een provider kan geen snelheid op elk afzonderlijk wifi-apparaat garanderen, maar een stabiele bekabelde verbinding hoort wel volgens de voorwaarden te worden beoordeeld.
Conclusie
Een abonnement van 80 Mbps betekent niet automatisch dat elke wifi-meting 80 Mbps toont. Begin met een bekabelde test, vergelijk meerdere meetmomenten en controleer daarna router, wifi, kabels en netwerkgebruik. Zo kun je onderscheiden of het probleem thuis ontstaat of bij de internetaanbieder ligt.
